Zingen met bovenstem

Bij het zingen met een bovenstem zingt een (doorgaans mannelijk) deel van zangers van de gemeentezang een melodie die terts of een kwart hoger is gezet dan de gewone melodie. De melodie van de bovenstem wijkt soms af van de originele melodie.
 
Het zingen met een bovenstem in de zondagse eredienst is een oude traditie waarvan de herkomst niet geheel duidelijk is. Ook zijn niet alle 150 psalmen geschikt om met een bovenstem te worden gezongen. De oorsprong van deze zangvorm is niet terug te voeren tot de reformatie. Daar waar Maarten Luther muziek een belangrijk onderdeel vond van de eredienst, was Calvijn bijna een tegenstander. Begeleiding van de zang in de eredienst of begeleiding door een orgel kwamen volgens Calvijn de verstaanbaarheid en daarmee de beleving niet ten goede. Calvijn was voorstander van een gedragen gemeentezang.
 
Toch waren er, ten tijde van de reformatie, ook componisten die psalmen van een meerstemmige toonzetting voorzagen. Claude Goudimel was één van deze componisten. Hij woonde en werkte in Geneve en in 1773 werden zijn psalmen voorzien van een vierstemmige zetting. Deze psalmen werden ook in het nederlands vertaald en gebruikt in de Nederlandse erediensten. Het meerstemmig zingen van psalmen in de Nederlandse erediensten was ook hier lange tijd taboe.
 
De Groningse hoogleraar Jan Luth heeft veel onderzoek gedaan naar de herkomst van de bovenstem en noemt het een spontane volkscultuur. Bij de psalmen die met bovenstem worden gezongen ziet hij verbanden met de meerstemmige zettingen van Goudimel. Naast de zettingen van Goudimel zijn er ook vele andere bovenstemzettingen die door diverse dirigenten en organisten zijn geschreven.
Vaak worden Urk en Genemuiden genoemd als de plaatsen waar de bovenstem ontstond en wordt verwezen naar de vissers die gezamenlijk tijdens hun vistochten psalmen zongen. Hiervoor, is volgens Luth, geen bewijs gevonden.
 
Een andere vorm van bovenstem zingen is het zingen van Hazeu. Bij het Hazeu zingen wordt zittend acapella gezongen waarbij de leider met een houten hamer het ritme tikt. Johannes Hazeu Corneliszoon die leefde van 1754 tot 1835 schreef veel geestelijke liederen die later door de zangmeesters Smit en Van der Reiden werden voorzien van een vierstemmige zetting.
 
Luister naar Psalm 97 vers 1 en 4, God heerst als Opperheer.
Luister naar  "Alle roem is uitgesloten, vers 1, 2 en 3.